Utrechters met hun fietsverhaal #1

afbeelding van Femke van der Meij

Om op te warmen voor het Festival du Vélo het eerste weekend van juli, verschijnen er iedere week twee verhalen van Utrechters met hun fietsverhaal.

Een Utrechter met een fietsverhaal - Fietsen rond de Oorlog
‘Er waren niet veel fietsen’, vertelt de 82-jarige Ad Hartings, die tijdens zijn jeugd op de Blauwkapelseweg woonde. ‘Utrecht was toen beslist nog geen fietsstad. Een jongen uit de buurt had als enige een fiets. Ik mocht er af en toe op rijden. Daarmee kreeg ik mijn eerste fietslessen’.

Ad Hartings was zeven toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. ‘Het aantal fietsen werd al snel nog minder. Van allerlei onderdelen en frames van kapotte fietsen maakten we fietsen in die tijd. Banden waren echter moeilijk te krijgen. Een fietsenmaker, daar had je er toen wel meer van dan nu, bedacht een oplossing. Hij maakte houten banden. Daar legden we een tuinslang omheen of de stootband van een biljart’.

Het kan zijn dat het tegen het eind van de oorlog was. ‘De hongerwinter heeft uit die oorlogsperiode de meeste indruk op me gemaakt. Ik herinner me nog goed dat ik regelmatig op zo’n fiets met houten banden op zoek ging naar eten. We zijn zelfs een keer vanuit Utrecht naar Dalfsen gefietst om voedsel te halen bij een boer. Er waren om dezelfde reden meer mensen die naar Drenthe en Overijssel reden. Ik denk dat daarvan ook wel foto’s zijn. Wellicht bij het volksmuseum’.

De fietstocht naar Dalfsen maakte Ad Hartings als twaalfjarige met zijn vader. ‘Die reis was bittere noodzaak. Maar het was vooral ook zwaar. De wegen waren slecht, je fiets was slecht en je kon worden aangehouden. We waren echter wel gewend afstanden te maken in die tijd. Overigens ook nog tot lang na de oorlog’.

Na de oorlog was er veel op de bon. ‘Fietsbanden waren toen wel alweer te krijgen, maar alleen op de bon inderdaad. Mijn vader werkte bij Werkspoor in de buurt van de Amsterdamsestraatweg. Hij liep daar iedere ochtend vanaf de Blauwkapelseweg naar toe. We liepen sowieso veel meer dan tegenwoordig’.

Er was in die tijd nog een tram in Utrecht. ‘Ja, die reed zelfs door de smalle Wittevrouwenstraat, dat toen ook nog eens twee richtingenverkeer had. Ik vermoed dat we kort na de oorlog vooral veel liepen en met de tram gingen. Later kreeg ik wel weer een fiets. Je moest dan altijd uitkijken dat je niet met je fiets in het spoor van de tram kwam. Dat overkwam me een keertje op de Biltstraat, maar dat verhaal zal ik je besparen’.

Door: René van Maarsseveen

 

Summary: 
Om op te warmen voor het Festival du Vélo het eerste weekend van juli, verschijnen er iedere week twee verhalen van Utrechters met hun fietsverhaal.